Lerend kwalificeren

Waarom deze handleiding?

Veel docenten kennen het traditionele toetsen: één toetsmoment, één cijfer. Lerend
kwalificeren werkt anders. Hier draait alles om
ontwikkeling zichtbaar maken.

Deze handleiding laat je stap voor stap zien hoe het werkt en wat jouw rol is.
Zo weet jij precies hoe je studenten begeleidt van start tot afronding.

 

Wat is lerend kwalificeren?

Lerend kwalificeren draait om ontwikkelen, bewijzen en afronden.
Geen losse toetsen, maar een traject waarin studenten stap voor stap laten zien
wat ze kunnen.

 

Focus op leeropbrengsten Bewijs tijdens het traject Stapsgewijze afronding
In plaats van talloze losse kwalificaties werken studenten met
een klein aantal overzichtelijke leeropbrengsten. Zo weten zij
waar ze naartoe werken en kun jij hun ontwikkeling gericht volgen.
Studenten verzamelen leerbewijzen, zoals opdrachten, reflecties
en feedback. Jij beoordeelt deze op kwaliteit, authenticiteit
en zichtbare groei.
Studenten bouwen hun bewijs stap voor stap op en hebben tussentijdse
evaluatiemomenten. Met een portfolio tonen ze uiteindelijk dat
ze de leeropbrengsten op het gewenste niveau beheersen.

 

Met lerend kwalificeren kiezen we voor eigentijds en innovatief onderwijs: studenten
werken doelgericht aan overzichtelijke leeropbrengsten, terwijl jij als docent
meer overzicht houdt. Ons platform ondersteunt dit proces én onderzoek toont
aan dat deze aanpak leren én beoordelen versterkt (lees meer).

 

Opbouw van het leerprogramma

De leerprogramma’s binnen lerend kwalificeren bestaan in ieder
geval uit vier hoofdstukken. Samen vormen ze een doorlopende leerlijn waarin
studenten starten met oriëntatie, bewijs opbouwen, tussentijds worden geëvalueerd
en afsluiten met een eindbeoordeling.

Hoofdstuk 1: Start en oriëntatie
  • Studenten maken kennis met de visie van lerend kwalificeren.
  • Ze krijgen uitleg over leeropbrengsten, leerbewijzen
    en de beoordelingsniveaus.
  • Vaak is er een eerste 0-meting om te bepalen waar ze staan.
Hoofdstuk 2: Low-stakes
  • Studenten werken aan opdrachten die vooral bedoeld zijn
    om te oefenen en leren.
  • Feedback komt van verschillende bronnen: zelfreflectie,
    peers, de coach en soms de praktijk.
  • Deze opdrachten tellen niet direct mee voor een eindbeslissing,
    maar leveren belangrijke leerbewijzen
    voor het portfolio.
Hoofdstuk 3: Medium-stakes
  • Twee evaluatiemomenten: bij 50% en 70%
    van het programma.
  • De student stelt een tussentijds portfolio samen en bespreekt
    dit met de coach.
  • Met behulp van rubrics wordt bekeken of de ontwikkeling
    op koers ligt.
  • De coach geeft feedback én groen licht om door te gaan
    richting afronding.
Hoofdstuk 4: High-stake
  • Het officiële eindbeoordelingsmoment: de student levert
    portfolio + leeswijzer in.
  • Minimaal twee beoordelaars bepalen of alle leeropbrengsten
    zijn behaald.
  • Bij twijfel volgt een kort gesprek (CGI: Criterium Gericht
    Interview).
  • Alleen als alle leeropbrengsten op het gewenste niveau
    zijn, wordt het leerprogramma afgerond.

 

Leeropbrengsten & rubrics

Alles binnen lerend kwalificeren draait om leeropbrengsten.
Dit zijn de duidelijke resultaten waar studenten naartoe werken. Een leeropbrengst
is een bundeling van verschillende kwalificatie-eisen (zoals
kerntaken, werkprocessen en kennis/vaardigheden) tot één concreet en observeerbaar
resultaat.

  • Voor studenten geven leeropbrengsten overzicht en houvast.
  • Voor jou als docent zijn ze het
    kader voor begeleiding en beoordeling.

 

Daarbij horen rubrics: deze beschrijven de niveaus waarop een
leeropbrengst kan worden beheerst. Zo wordt voor iedereen duidelijk waar een
student staat en wat de volgende stap kan zijn.

Kenmerken van leeropbrengsten

  • Afgeleid van het kwalificatiedossier.
  • Geven richting aan opdrachten, feedback en leerbewijzen.
  • Zijn leidend bij de eindbeoordeling: elke student moet alle leeropbrengsten
    aantonen.

Kenmerken van rubrics

  • Beschrijven zes niveaus van groei: van verkennend tot professional.
  • Helpen jou en de student om ontwikkeling zichtbaar te maken.
  • Worden gebruikt bij medium-stakes en de eindbeoordeling.
  • Zorgen voor transparantie: studenten weten vooraf wat er van hen verwacht
    wordt.

Leeropbrensten lerend kwalificeren.png

i

Differentiatie

Alle opdrachten zijn geschreven op bekwaam-niveau.
In de studententips vind je hoe je ze eenvoudiger of uitdagender kunt maken.

Jouw rol als coach

Bij lerend kwalificeren heb je als docent verschillende rollen. Je begeleidt,
geeft richting en helpt studenten hun ontwikkeling zichtbaar te maken.
Leeropbrensten lerend kwalificeren (5).png

  • Coach bij low-stakes
    Je geeft feedback op opdrachten en stimuleert studenten om ook feedback van
    peers en praktijk te benutten. Daarbij help je ze kritisch kijken naar hun
    keuzes: waarom dit bewijs, en hoe toont het dat ze het niveau beheersen?
  • Reflectiebegeleider bij medium-stakes
    Je bespreekt het tussentijdse portfolio en kijkt samen met de student naar
    de rubrics: ligt de ontwikkeling op koers, en waar moet nog groei komen?
    Jij geeft het groen licht om door te gaan.
  • Beoordelaar bij de high-stake
    Samen met minstens één andere beoordelaar beoordeel je het portfolio en de
    leeswijzer. Bij twijfel voer je een kort CGI-gesprek met de student.

 

Van medium-stake naar high-stake

Bij lerend kwalificeren werkt een student stap voor stap toe naar de eindbeoordeling.
Daarbij spelen medium-stakes en de
high-stake een belangrijke rol.

Medium-stake
  • Dit is een tussenevaluatie van het leerproces.
  • De student levert een
    kleine selectie van leerbewijzen in
    een tussentijds portfolio.
  • Jij gaat in gesprek over de voortgang en bepaalt het
    niveau met behulp van de rubrics.
  • Momenten:
    • Eerste medium-stake bij 50% voltooiing.
    • Tweede medium-stake bij 70% voltooiing.
  • Na de tweede medium-stake kun je groen licht
    geven voor de high-stake, of je geeft het advies om nog
    meer bewijs te verzamelen.
High-stake
  • De student levert een portfolio + leeswijzer
    in.
  • Twee beoordelaars bepalen of alle leeropbrengsten minimaal
    het niveau bekwaam hebben behaald.
  • Elke leeropbrengst moet behaald zijn: er is
    geen compensatie.
  • Bij twijfel volgt een
    CGI (Criterium Gericht Interview).
  • Beoordeling is holistisch: de samenhang
    en kwaliteit van alle leerbewijzen staan centraal.

 

i

Vroegtijdig starten met de high-stake

Na de medium-stake op 50% kan een student de high-stake al eerder aanvragen als er voldoende bewijs ligt. Voorwaarde: meer dan de helft van de leeropbrengsten moet minimaal het niveau vakkundig hebben behaald.

Expositietool in het platform

Binnen All You Can Learn maken studenten hun ontwikkeling zichtbaar via het
portfolio. Dat bevat alle opdrachten en leerbewijzen.

De expositietool is hier een onderdeel van: studenten maken
hierin een selectie van hun belangrijkste bewijzen en presenteren
die in een overzichtelijke vorm.

Wat kan een student met de expositie?

  • Bundelen: een selectie van opdrachten, reflecties en praktijkbewijzen
    samenvoegen.
  • Presenteren: als showcase inzetten richting coaches, medestudenten
    of de praktijk.
  • Delen: eenvoudig delen binnen opdrachten of via de portfoliotool.

Wat betekent dit voor jou?
Je ziet in één oogopslag welke bewijzen een student belangrijk vindt en kunt
daar direct feedback of beoordeling op geven.

 

Tijdsbesteding

De tijdsbesteding voor lerend kwalificeren is vaak overzichtelijker dan je denkt.
Veel begeleiding kan in de contacturen plaatsvinden en je hoeft
niet iedere opdracht uitgebreid na te kijken. Studenten maken bovendien vaak
maar 50-70% van de opdrachten, waardoor je werkdruk vermindert.

Hieronder twee praktijkvoorbeelden voor een klas van
25 studenten.

Voorbeeld 1 – Keuzedeel, 240 SBU

  • Coaching: ca. 25–30 uur, grotendeels in contacturen.
  • Medium-stakes: ca. 15–17 uur, deels in contacturen.
  • High-stake: ca. 11–12 uur, buiten contacturen.
  • Totaal: 55–60 uur per klas, waarvan ±40 uur in contacturen.

Voorbeeld 2 – Burgerschap thema niveau 4, 30 SBU

  • Coaching: ca. 8–10 uur, grotendeels in contacturen.
  • Medium-stake: ca. 8 uur, deels in contacturen.
  • High-stake: ca. 7–8 uur, buiten contacturen.
  • Totaal: 25–28 uur per klas, waarvan ±15 uur in contacturen.
i

Tijdnood?!

Geen tijd voor een volledig gesprek? Geef bij de medium-stake schriftelijke feedback op het tussen-portfolio en plan alleen een gesprek bij twijfel.

We weten het: je hebt nooit genoeg tijd. Daarom hier een paar tips om je lessen
efficiënt in te delen en tijd te besparen.

  • Geef feedback slim
    Je hoeft niet iedere opdracht of elk bewijs tussentijds na te kijken. Geef
    feedback vooral op verzoek van de student of steekproefgewijs. Alleen bij
    twijfel kijk je gerichter mee.
  • Gebruik contacturen slim
    Gebruik het eerste uur voor klassikale uitleg of opdrachten en het tweede
    uur voor coaching of medium-stakes. De een is sneller klaar dan de ander,
    en zo benut je de tijd optimaal.
  • Werk met high-stake momenten
    Niet iedere student is tegelijk klaar. Plan daarom meerdere vaste momenten
    in waarop studenten hun high-stake kunnen doen. Zo rondt de snelle student
    eerder af en spreid jij je werkdruk.
  • Goed is goed
    Niet elke student heeft een extra gesprek nodig bij de high-stake. Alleen
    als er twijfel is, plan je een CGI. Als het portfolio duidelijk en volledig
    is, is dat gewoon voldoende.

 

Veelgestelde vragen

Kan een student versnellen?
Ja. Na de medium-stake bij 50% kan een student de high-stake eerder aanvragen,
mits er voldoende bewijs ligt en de student op meer dan de helft van de leeropbrengsten
minimaal het niveau vakkundig heeft gescoord.

Hoe werkt herkansen?
Als een student de high-stake niet haalt, volgt een ontwikkelplan. Daarna kan
de student extra bewijzen verzamelen en opnieuw de high-stake aanvragen.

Hoeveel bewijzen per leeropbrengst zijn nodig?
Dat verschilt per programma, maar er zijn altijd
meerdere bewijzen per leeropbrengst nodig om ontwikkeling goed
te kunnen beoordelen. Check vooral de eisen in de high-stake.

Kan een student AI of extern bewijs gebruiken?
Ja, dat kan. Belangrijk is dat het bewijs authentiek is en laat
zien dat de student de leeropbrengst beheerst. De eigen bijdrage van de student
moet altijd zichtbaar blijven. Studenten moeten in hun leeswijzer toelichten
hoe zij AI of externe bronnen hebben gebruikt, zodat de beoordeling transparant
blijft.

Mag een leeropbrengst worden gecompenseerd?
Nee. Alle leeropbrengsten moeten minimaal het niveau bekwaam aantonen.

Moet ik alle opdrachten nakijken?
Nee. Het gaat erom dat je de ontwikkeling volgt en beoordeelt wat de student
kan aantonen. Niet elk bewijs hoeft uitgebreid nagekeken te worden. Wel kun je
op iedere opdracht feedback geven.

Hoe lang duurt een medium-stake en moet dit fysiek?
Reken op ongeveer 20–30 minuten per student. Dit kan fysiek
of online, afhankelijk van wat past.

Moet een student alle opdrachten maken?
Nee. Studenten hoeven maar 70% van de opdrachten te maken (in
sommige gevallen maar 50%). Het gaat niet om kwantiteit, maar om voldoende bewijs
dat de leeropbrengsten zijn behaald.

Kan ik nog klassikaal lesgeven?
Ja, zeker. Klassikale lessen blijven waardevol om onderwerpen met de hele groep
te bespreken en studenten te activeren. Je kunt zo’n les benutten door bijvoorbeeld
een actueel thema centraal te zetten, of door een tip uit de coachopmerkingen
te gebruiken, zoals een kijktip, energizer of extra werkvorm. Ook kun je een
uitlegtafel organiseren rond een specifiek onderwerp, waar studenten die extra
hulp willen kunnen aansluiten.

Waarom zijn er meer opdrachten dan voorheen?
De opdrachten zijn nu kleiner en praktischer, zodat studenten meer bewijs in
verschillende contexten kunnen verzamelen. Bovendien hoeven ze er minder te maken:
de norm ligt nu op 70%, waar dit voorheen
80% was. Zo houden studenten meer ruimte om eigen keuzes te
maken en hun portfolio persoonlijk vorm te geven.

Zijn alle kwalificaties uit het dossier gedekt?
Ja. We zorgen ervoor dat alles wat in het kwalificatiedossier van SBB staat,
ook in het leerprogramma terugkomt. De losse kerntaken, werkprocessen en kennis/vaardigheden
zijn zorgvuldig gebundeld tot overzichtelijke leeropbrengsten. Studenten werken
dus niet minder, maar juist gerichter, zonder het overzicht kwijt te raken in
al die losse kwalificaties.

 

Tot slot

Lerend kwalificeren is nieuw, maar geeft jou en je studenten veel meer overzicht
en ruimte. Studenten weten duidelijk waar ze naartoe werken en jij hebt een stevig
kader om te begeleiden en beoordelen. Het is even wennen: opdrachten zijn kleiner,
feedback speelt een grotere rol en de eindbeoordeling ziet er anders uit dan
een klassiek examen.

Het belangrijkste om te onthouden: je staat er niet alleen voor. Het programma,
de rubrics en de expositietool helpen je om structuur te geven, terwijl studenten
hun eigen ontwikkeling zichtbaar maken. Zo werken jullie samen stap voor stap
toe naar een sterke eindbeoordeling waarin alle kwalificaties aantoonbaar geborgd
zijn.

Met lerend kwalificeren maak je van beoordelen een proces dat bijdraagt aan leren,
en dat is precies waar het onderwijs om draait.

 

Jouw ervaring telt!

Samen met ons team werken wij hard aan het onderwijs van de toekomst. Maar dat
kunnen we niet zonder jouw ervaring en ideeën. Zie je kansen om het programma
beter te maken? Laat het weten, zo groeien we samen verder.

Openingstijden feestdagen

1
Gesloten
1
Gesloten
1
Gesloten
1
Gesloten
1
Gesloten
1
Gesloten
1
Gesloten
1
Gesloten
1
Gesloten
1
Gesloten
1
Gesloten