Het keuzedeel bestaat uit één kerntaak met vier werkprocessen, die samen de basis vormen voor duurzaam handelen in de praktijk.
Studenten verdiepen zich in wat duurzaamheid betekent binnen hun eigen vakgebied. Ze onderzoeken hun eigen werkwijze: welke materialen gebruiken ze, hoeveel energie en water verbruiken ze en hoe gaan ze om met afval? Ze bepalen hun ecologische voetafdruk in de beroepspraktijk met behulp van eenvoudige methoden of een checklist. De uitkomst verwerken ze in een overzicht met sterke en zwakke punten. Zo krijgen ze inzicht in hun eigen bijdrage aan duurzaamheid en zien ze waar verbetering mogelijk is .
Vervolgens richten studenten zich op de kernactiviteiten van een organisatie(onderdeel) of productieproces. Ze verzamelen informatie over hoe daar duurzaam wordt gewerkt en gebruiken de Sustainable Development Goals (SDG’s) als inspiratiebron. Door vragen te stellen en informatie uit verschillende bronnen te verzamelen, brengen ze de huidige situatie, ambities en plannen in kaart. De bevindingen leggen ze vast in een eenvoudig schriftelijk, auditief of visueel product .
Op basis van hun inzichten analyseren studenten waar verbeteringen mogelijk zijn. Ze bekijken onderdelen van de productieketen en onderzoeken waar duurzamer gewerkt kan worden. Daarna formuleren ze concrete en praktische verbetermogelijkheden en beschrijven hoe deze uitgevoerd kunnen worden. Dit verwerken ze in een overzichtelijk verbeterplan .
Tot slot presenteren studenten hun ideeën voor duurzamer handelen. Ze kiezen een passende vorm, zoals een verslag, presentatie of infographic, en lichten hun verbeterplan toe aan collega’s of begeleiders. Daarbij leggen ze uit waarom de voorgestelde verbeteringen relevant zijn en beantwoorden ze vragen .



D1-K1: Bekijkt en presenteert ideeën voor duurzaam handelen in de beroepspraktijk
Wij komen graag langs met een verse kop koffie. Geen standaard afspraak, maar een inspirerend gesprek over onderwijs, Burgerschap en de toekomst van leren.